donderdag 17 augustus 2017

Nieuwsflits...

Door Tjalling van den Bosch

Het nieuwtje schoot een paar weken geleden plotseling voorbij, wanneer je op dat moment even met je ogen knipperde, bestaat de mogelijkheid dat je het volkomen hebt gemist! Dus dan nog maar een keer in slow motion: 

Van 3 tot en met 13 april 2018 vindt in Harlingen een uniek dubbel-NK-dammen plaats. Zowel het NK in de internationale damvariant als het NK in
de Friese damvariant worden gelijktijdig in de Friese havenplaats georganiseerd door  World Frisian Draughts! Zowel de gemeente Harlingen als de KNDB en de Dambûn Frysk Spul hebben overeenstemming bereikt! 

Slagkracht . . . 

Het is uw penneleur al langer bekend dat de mensen uit 'het Friese Dammen' een enorme drive en slagkracht hebben. Door 'korte lijnen' en gevrijwaard van lange moeizame vergaderingen (en dus rekening moeten houden met veel meningen!) heeft het tweetal Marten Walinga en ds. Liuwe Westra in het recente verleden al veel opzien gebaard met het organiseren van spraakmakende damtoernooien.
Het zogenaamde Grutmastertoernooi in Franeker trekt jaarlijks een keur van internationale denksporters naar Friesland, maar ook op andere plaatsen in de wereld is men uitermate slagvaardig om het dammen te promoten. Zo worden er in bijvoorbeeld Tsjechië en Italië wedstrijden en clinics verzorgd en dit jaar staan ook Afrika en Rusland op het programma! De slagkracht waarmee Walinga en Westra zich de afgelopen jaren hebben geprofileerd was reden voor de FMJD (overkoepelende internationale dambond) om ook het Frysk Damjen officieel onder de vleugels te nemen. 

In 2018 is Leeuwarden de Culturele Hoofdstad van Europa en daar haken de twee ras-organisatoren natuurlijk op in, met o.a. het gecombineerde NK in het stadhuis van Harlingen en een groots opgezette cyclus voor het wereldkampioenschap (in de Friese damvariant natuurlijk).
Het NK Fries dammen in Harlingen is één van de plaatsingswedstrijden voor het Eerste  Officiële Wereldkampioenschap Fries Dammen, dat eind 2018 in Leeuwarden wordt gehouden. Verder zijn er op verschillende plaatsen in Nederland ook nog speciale kwalificatietoernooien, alsook ook op diverse plaatsen buiten onze landsgrenzen. Het (open!) Grutmastertoernooi in Franeker gaat ook gewoon door en geldt tevens als kwalificatie voor het WK. Ja, de mensen uit de Friese damvariant laten er geen gras over groeien.

De centjes . . . 

Het zal ongetwijfeld een hele klus worden om alle activiteiten van een gezond financieel plaatje te voorzien, maar zoals Walinga en Westra in het verleden reeds vele malen hebben aangetoond, is men ook op dat gebied niet voor een kleintje vervaard. Men is nu al drukdoende met het organiseren clinics en 'avonden' voor sponsors en door speciale bijeenkomsten voor (zoals met het zelf schrijft:) 
"jongeren én ouderen!"; daarmee hoopt men onder de bevolking draagvlak te winnen voor al hun inspanningen om het dammen bekender te maken bij een groter publiek. Tot nu toe is men daar aardig in geslaagd gezien de opgaande lijn in het toegenomen aantal beoefenaars (wereldwijd)! 
     
Het is te hopen dat de fine fleur uit 'ons (internationale) dammen' zich komend seizoen laat gelden tijdens het NK. Afgelopen seizoen lieten de toppers (qua rating) voor het overgrote deel het NK (op Urk) aan zich voorbij gaan! Het zou voor 'ons dammen' een enorme boost zijn wanneer de dam-elite 
van Dietschen bloed zich op zouden rapen en zorgen voor een spetterend en kwalitatief hoogstaand Nederlands Kampioenschap in Harlingen. Aan de organisatoren zal het niet liggen . . .! 

Helaas . . . 

En dan nog iets dat eigenlijk ook voorbij flitste en dat, wat mij betreft, alsnog even extra aandacht moet krijgen. Op 14 juni 2017 overleed Jan Apeldoorn in zijn woonplaats IJmuiden; hij werd geboren op 23 juni 1936 in Den Haag. Op 26 augustus 2015 heb ik op dit blog al eens stil gestaan bij de overledene, vanwege zijn (wat mij betreft) magnum opus, het boek: 100 jaar WK Dammen.
Het boek staat op mijn lijstje 'fantastische damboeken' hoog aangeschreven; het is een monumentaal werk, waarin de geschiedenis van het WK dammen prachtig is weergegeven (zoals ik toen schreef: Een must voor elke zichzelfrespecterende dammer!). Ik ben niet de persoon die Jan Apeldoorn 'goed kan neerzetten', maar wilde zijn overlijden toch ook niet geheel ongemerkt voorbij laten gaan;  daarvoor heeft Apeldoorn teveel betekent voor het dammen in het algemeen en voor zijn damclub IJmuiden, waarvan hij erevoorzitter was. 

Ad acta.  






zondag 13 augustus 2017

Tivoli...

 Door Tjalling van den Bosch

In de negentiende eeuw stond de naam Tivoli garant voor het mondaine leven. Iedere zichzelf respecterende stad had wel een park, waterpartij (meertje) of theater, bioscoop of ander etablissement met die naam. Tivoli stond voor 'hét goede leven'; de naam is oorspronkelijk afgeleid van de Italiaanse stad met die naam (vlak bij Rome), waar het goed toeven schijnt te zijn. By the way; je zou tegenwoordig kunnen denken dat Tivoli juist komt van: 'I lov' it'.   

We laten de inleiding voor wat het is, want voor ons dammers (uit Huizum) was Zalen Tivoli, sinds het einde van de tweede wereldoorlog, de zeer vertrouwde en genoeglijke thuishaven. Zo lang ik mij kan herinneren was Arie van der Wal de uitbater (eigenaar) van het zalencentrum;

Zalen Tivoli
Arie was een man die de zaakjes goed voor elkaar had. 
Het eten en drinken was altijd tot in de puntjes verzorgd en Arie was ook een man  'met een mening' en dus was er vaak een stevige discussie mogelijk. Kortom, het was altijd gezellig in onze clublokaliteit! 

Grap . . . 

In maart van dit jaar (2017) kregen wij (dammers van Huizum) te horen dat Tivoli, per
1 april, verkocht was; ja leuk, maar daar trapten wij natuurlijk niet in! 
Het was ons wel bekend dat Van der Wal in het begin van deze eeuw zijn zalencentrum in de verkoop had gedaan; hij had toen de zes kruisjes volgemaakt en wilde wel gaan genieten van een ander leven, dan dat van de horeca. Maar gelukkig (voor de leden van damclub Huizum) sloeg al spoedig 'dé crisis' toe en vooral de horeca kreeg toen 'klappen'; Tivoli was dan ook moeilijk aan de man te brengen! We konden dan ook blijven genieten van Tivoli (aan de Huizumerlaan), zoals we dat de afgelopen zeventig jaar hadden gedaan! 

Damclub Huizum en Tivoli waren aan elkaar vergroeid en de eigenaar (Arie van der Wal) beschouwde de dammers als de zijne ("myn damclubke"), maar helaas . . .  Het bericht dat Tivoli daadwerkelijk per 1-4-2017 was verkocht, sloeg in als een bom en vooral de toevoeging dat het over zou gaan in handen van 'een dansschool' en dat er per 1 april geen plaats meer was voor anderen, veegde de bodem onder de dammersvoeten vandaan! Moesten we echt Tivoli gaan verlaten?!?!? Het was niet te bevatten en is dat eigenlijk nog steeds niet!! 

De laatste keer . . . 

Donderdagavond 30 maart was dan ook de laatste clubavond van Damclub Huizum in Zalen Tivoli; het werd een avond van uitersten! Aan de éne kant was het gezellig; Van der Wal zorgde voor een overvloed aan hapjesen drankjes en na afloop kregen we te horen dat er 'geen kosten' waren(!!), en er werden natuurlijk veel verhalen 'uit de oude doos' opgedist. Maar het was toch ook een avond van 'de laatste keer'; de laatste partij in Zalen Tivoli, de laatste keer de altijd gezellige nazit en dat we na afloop (van weer een gezellige donderdagavond) Tivoli voor de laatste keer gingen verlaten . . .!  Het was dus vooral ook een avond van 'even slikken'; zeker toen ook de kast met al het dam-materiaal werd leeggehaald, alsook de vitrine waarin alle bekers en medailles van onze roemruchte damclub vele decennialang waren tentoongesteld . . .(slik)! 
Mijmerend tijdens mijn laatste autorit (vanaf Tivoli) naar huis moest ik denken aan de vele dam-grootheden die de drempel van Zalen Tivoli hebben overgeschreden, zoals  natuurlijk 'kind van Huizum'  Harm Wiersma, die maar liefst zesmaal de hoogste mondiale eer opstreek! Maar ook wereldkampioenen als Deslauriers, Koeperman, Andreiko, Sijbrands, Gantvarg, Jannes van der Wal (geen familie van de eigenaar), Boomstra (van anderen weet ik het niet zeker) waren ooit voor kortere of langere tijd in Tivoli. Ach, het waren weemoedige gedachten tijdens die laatste rit . . .!

Hoe nu verder . . . 

Dorpshuis Ien en Mien
Damclub Huizum kon het seizoen (resterende acht weken) afmaken in het nabij gelegen wijkgebouw Husma Herne, maar helaas was daar geen apart gedeelte waar we de altijd noodzakelijke nazit konden houden. Toch een gemis voor wat van oudsher een (dam)dorpsclub was; na een dag werken evenontspanning zoeken (een mens heeft soms niet meer nodig). De voorzitter en penningmeester zijn dan ook naarstig op zoek gegaan naar een nieuw onderkomen voor onze damclub en die werd gevonden in het naburige Goutum (zeg maar Huizum-zuid). In het dorpje ten zuiden van Leeuwarden, dat in Friesland bekend is vanwege het crematorium (daarom ook wel 'stook-city' genaamd), kan damclub Huizum met ingang van het seizoen (2017/2018) terecht in dorpshuis 'Ien en Mien'. 
Het is een prachtige locatie; we werden er met veel enthousiasme ontvangen én we kunnen 'de donderdag' als vaste clubavond aanhouden. Op donderdag 7 september a.s. is er de ledenvergadering en een week later barst 'de onderlinge' weer los. 

Tivoli is van oorsprong een Latijns woord en staat voor 'plezierige omgeving'voetbaltrainer Rinus Michels zei het na afloop van het zo succesvol verlopen EK van 1988 zo prachtig:
 "We zullen het nooit, nooit, nooit vergeten . . .!! 

donderdag 3 augustus 2017

The Fab Four...

 Door Tjalling van den Bosch

The Beatles (John, Paul, George en Ringo) was een popgroep uit de Engelse stad Liverpool. De groep was actief van 1960 tot 1970 en wordt algemeen beschouwd als één van de meest invloedrijke bands uit de geschiedenis van de pop(ulaire)-muziek. Al vrij snel na hun doorbraak kregen de leden van The Beatles te maken met hysterische reacties van voornamelijk jonge tienermeisjes, die tijdens de 
concerten de muziek met hun gegil overstemden. 
Eén van de bijnamen voor de vier uit Liverpool was:The Fab Four;  dat 'Fab' stond (en staat) voor fabulous (hetgeen veel betekenissen heeft zoals: geweldig, fantastisch, ongelofelijk)

Jinek . . . 

Afgelopen dinsdagavond (1 augustus 2017) waren er vier jonge Nederlandse damhelden te gast in de veel bekeken (ruim 1 miljoen kijkers) talkshow van Eva Jinek; terloops omschreef de gastvrouw het viertal dammers als: The Fab Four . . .. Even later zagen we ook nog een foto van Roel Boomstra, Jan Groenendijk, Martijn van IJzendoorn en Wouter Sipma (want dat zijn onze nieuwe damhelden) waarop ze, op een zebrapad, een weg overstaken. De betreffende foto is ook een knipoog (van de dammers) naar The Fab FourHet laatste succesvolle album van The Beatles (uitgebracht in 1969) heette namelijk Abbey Road en op de hoes van de elpee stond een foto van de vier bandleden terwijl zij, op een zebrapad, de bewuste straat in Londen overstaken. 

Het optreden van de jonge dammers in Jinek was mooi; het viertal zat in show-colberts aan tafel en de antwoorden (op de vragen van de gastvrouw) waren over het algemeen vlot en adrem.

Roel, Jan, Martijn en Wouter
Gelukkig is het viertal nog niet kapot gemaakt door overdreven veel media-training (wel woorden spuien, maar niets zeggen - welke prof-voetballer hebt u kunnen betrappen op één leuke opmerking tijdens de afgelopen voetbalcompetitie? -). Een interview met de jonge topdammers is nog heerlijk puur; journalisten noemen het ook wel authentiek en vinden het prachtig; volgens mij het overgrote deel van het publiek ook. 
Roel, Jan, Martijn en Wouter zullen ongetwijfeld een paar tips hebben gekregen over hoe ze zich moesten gedragen tijdens een tv-optreden, maar gelukkig waren ze toch vooral zichzelf! Eva Jinek benaderde het viertal op een leuke vlotte manier; ze noemde de dammers gewoon bij hun voornaam, waardoor er snel een ontspannen atmosfeer ontstond.
Jan Slagter (van Omroep Max) deed ook nog even een mooie duit in het zakje, door de laatste (wereldrecord) blindsimultaan van Ton Sijbrands (gecoverd door Omroep Max)aan te halen. 

Het goede optreden bij Jinek (en al eerder bij De Wereld Draait Door) wekt ongetwijfeld de aandacht van andere media; misschien dat het positieve geluid van de nieuwe generatie dammers, het imago van het dammen (positief) oppoetst. 

Blijft terugkomen . . . 

Waar de jonge dammers rekening mee moeten houden is het feit dat 'oude beelden' blijven terugkomen; zo werd in Jinek, Boomstra als (ongeveer) 10-jarige opgevoerd ("Als je slim bent kan je beter dammen') en natuurlijk de beelden van de laatste WK-match, waarin we een aangeslagen Groenendijk (na zijn derde nederlaag - in de Eerste Kamer -) zagen. Maar goed, dat is iets waar je je als succesvolle sporter bij neer moet leggen; schaatser Sven Kramer wordt zijn hele sportcarrière al geconfronteerd met beelden waarop hij zich als 10-jarige uitlaat (in het Jeugdjournaal) als toekomstig wereldkampioen en ook zijn vrouwelijke tegenhangster, Ireen Wüst, krijgt nog vaak de beelden te zien, waarin zij huilend bij een boom tracht haar nederlaag (in Collalbo, tijdens het EK) te verwerken.  

Hopelijk zien we dus nog vaak de oude dambeelden terug, want dat zou betekenen dat het dammen (en de bewuste dammer) 'in the picture' blijft; afwachten dus maar . . .! 

PS. Onze jonge damhelden 'zaten bij Jinek' vanwege de interland Nederland-Afrika (16-14 voor de onzen); deze clash werd gehouden vanwege het 40-jarig jubileum van het Open damtoernooi te  Brunssum (tevens NK Open), dat van 4 t.e.m. 12 augustus wordt gehouden. 

donderdag 27 juli 2017

Iser Koeperman (6)

Door Rein van der Pal

Het ligt voor de hand te denken dat Iser Koeperman vanaf zijn vroegste jeugd altijd heeft gedamd. Toch is dat niet het geval. Door een toevallige omstandigheid is hij in aanraking gekomen met het damspel. Aanvankelijk bezocht de jonge Iser de schaakclub. Hij was verzot op schaken en oefende regelmatig in het Pionierspaleis in Kiev.
Tijdens een schaakwedstrijd kwam zijn tegenstander niet opdagen en Iser besloot een beetje rond te dwalen in het Pionierspaleis. In één van de belendende zaaltjes werd een damtraining gegeven. Op het demonstratiebord liet de trainer een combinatie zien, waarbij wit bijna al zijn schijven weggaf om vervolgens alle schijven van zwart te slaan. Iser was zo onder de indruk van het fragment dat hij alle van buiten geleerde schaakvarianten wel wilde prijsgeven om zo te kunnen winnen. Hij had geen zin meer om zich nog langer met schaken bezig te houden. Een jaar of dertien zal hij geweest zijn toen hij de overstap naar het dammen heeft gemaakt en hij zou er voor de rest van zijn leven aan vast zitten. Naast Michael Botwinnink, die anders natuurlijk nooit wereldkampioen schaken zou zijn geworden, mag ook de damwereld zich gelukkig prijzen met deze switch.

Iser Josifowitsj Koeperman
Monikkenwerk

Hoewel Koeperman in de loop van zijn carrière een prachtige, glasheldere positionele stijl heeft ontwikkeld, is zijn fascinatie voor combinaties altijd blijven bestaan. Hij beschikte ook over een grote slagvaardigheid en heeft talloze partijen met een slagzet in zijn voordeel beslist.
Op een gegeven moment besloot Koeperman de combinaties te verzamelen, te rangschikken en in boekvorm uit te geven. De slagprincipes werden onderverdeeld naar veld van vertrek, de richting van de eindslag en het slagidee. Een belangrijk criterium bij het verzamelen was dat de standen een grote praktische waarde moesten hebben. Aldus ontstond encyclopedisch studiemateriaal van onschatbare waarde. We mogen rustig stellen dat dit monnikenwerk is geweest.
In één van de eerste boeken schrijft zijn goede damvriend Dr. Ir. G.E. van Dijk het voorwoord:
"De internationale damwereld mag zich gelukkig prijzen met het feit dat Ir. I. Koeperman zijn grote kennis op schrift wil stellen. Ik zie dan ook een wijd verspreidingsgebied voor deze boeken; de taal der diagrammen is immers voor elke dammer toegankelijk. Moge de schrijver gegeven worden zijn ambitieuze plan, waarvan reeds veel in concept gereed is, te kunnen voltooien en moge het boek een goede ontvangst vinden in de Nederlandse damwereld en daarbuiten".
Ooit had Koeperman het stoutmoedige plan opgevat om een monumentaal handboek van het damspel te schrijven. De reeds genoemde combinatie boeken zouden daar onderdeel vanuit maken. Daarnaast moesten er twaalf delen verschijnen die geheel aan de openingstheorie zouden zijn gewijd. Dit kloeke boekwerk zou alle openingsboeken die er tot die tijd waren verschenen, overbodig maken. Helaas is dat openingsboek er nooit gekomen.
Ik heb Koeperman nooit als een openings-expert beschouwd. Natuurlijk zal hij zijn openingsrepertoire op orde hebben gehad, maar hij was niet iemand die de theorie vanuit de opening zetten lang volgde. Liever vertrouwde hij op zijn eigen inzicht. Soms ging hij scherpe openingen ook uit de weg in de hoop/veronderstelling in het verdere verloop van de partij vanzelf kansen te krijgen. Zij grote kracht lag volgens mij in het middenspel.

I. Koeperman - M. Smirnov

In deze stelling heeft wit de strategische troeven in handen. Niettemin zal hij de partij met een daverende slagzet beslissen:
1.37-31!! 26x48  2.22-18 13x31  3.47-42 48x37  4.32x41 23x32  5.34-30 35x24  6.33-29 24x33 7.39x08.
Deze combinatie staat ook op naam van Mamina N'Diaye, maar Koeperman was hem kennelijk ver voor.


I. Koeperman - Fridman

Positioneel is wit er niet al te best aan toe.
Maar kennelijk zit 'Der Iser' al een tijdje te vlassen op een spectaculaire wending: 1.26-21! 27x16  2.35-30! 24x35 3.25-20! 14x25 4.38-32!! Een prachtig  triple offer gevolgd door een stille zet. Zwart staat drie schijven voor, is bovendien aan zet, maar kan een nederlaag niet meer afwenden. Sluiten faalt op een eenvoudige damcombinatie naar veld 1 of veld 5 en op 3...28-33 volgt een simpele combinatie naar veld 6. Verbluffend.

Koeperman verzamelde niet alleen combinaties, hij bedacht ze ook zelf. Daarbij ging het hem vooral om de praktische waarde van de slagzet. De stand moest aan de partij kunnen worden ontleend. Aan de zogenaamde scherpe regels van de problematiek of de overblijvende stand liet hij zich niets gelegen liggen. De volgende compositie is hierop een uitzondering.

I. Koeperman

Wit wint door: 1.27-22! 18x27  2.32x21 23x41  3.21-17 11x22 4.42-37 41x32  5.38x09  04x13  5.15x04  24-30* 6.04x18! 30x48  7.18-34!! 48x30  8.35x2
In al zijn eenvoud een prachtige composities, waarin de Coupe Springer, een dam op bezet veld en een damoffer worden verenigd.

Koeperman en het combinatiespel, het waren twee handen op één buik.Wat mij betreft had hij nog veel meer van dergelijke creaties mogen bedenken, maar kennelijk vond de temperamentvolle oud-wereldkampioen dat zonde van zijn tijd. Wel bleef hij zijn hele leven trouw aan de combinatie. In het WK 1994 dat in Den Haag werd gehouden, combineerde hij Alexander Schwarzman nog van het bord. Het leverde De Reus uit Kiev een keurige zevende plaats op in de eindrangschikking. Koeperman was toen de zeventig allang gepasseerd...












donderdag 20 juli 2017

Iser Koeperman (5)

Door Rein van der Pal

Het Russisch dammen (64 velden) was populair in de voormalige Sovjet-Unie en wordt in het huidige Rusland nog volop beoefend. Pas in 1954 werd het damkampioenschap van de Sovjet-Unie op de honderd velden voor de eerste keer gehouden. Onder de deelnemers bevond zich ook Iser Koeperman. Tussen 1954 en 1976 zou de Reus uit Kiev twaalf keer deelnemen. Het leverde hem naast een aantal hoge klasseringen, vijf keer de nationale titel op.

Iser Koeperman (1960)
Die titeltoernooien uit de tweede helft van de vorige eeuw zijn qua omvang niet te vergelijken met ons Nederlands kampioenschap. Om te beginnen werden er vaak twintig deelnemers tot het toernooi toegelaten. De elf rondes die ons nationaal kampioenschap telt, steken daar enigszins schril bij af. Daarnaast werden er -uiteraard- geen twee rondes op één dag gespeeld. Ook waren de zogenaamde 'plusjes' in de eindrangschikking nog niet ingeburgerd.

Enkele bekende namen uit die beginperiode, waren: Max Sjawel, Wladimir Kaplan, Wladimir Agafonow en Michael Korchov. In 1959 voegden Wjatsjeslaw Sjtsjogoljew en Andris Andreiko zich bij dit gezelschap. Toen Iser Koeperman en Max Sjawel in het kampioenschap van 1955 gezamenlijk op eerste plaats waren geeïndigd, bleef Koeperman niet automatisch in het bezit van zijn titel. De organisatie schreef een barrage uit die pas na acht partijen in het voordeel van de legendarische oud-wereldkampioen werd beslist.

M. Sjawel - I. Koeperman
(4e barragepartij)

Met het laten hangen van schijf 42 moet Sjawel gedacht hebben dat hij zich voldoende gewapend heeft tegen de Coup Royal. Merk op dat zwart aan 46...12-17 niets heeft vanwege 47.39-34!
Partij:
46...23-29!  47.42-38 19-23 48.28x17 11x42  49.38x47 29x27 met winst.





I. Koeperman - V. Agafonow
(Kamp. Sovjet-Unie 1964)

Het is een genot om te zien hoe Koeperman vanuit een rustig middenspel de spanningen steeds verder heeft opgevoerd.
40.26-21!! Een prachtige zet. Zoals Koeperman aangeeft biedt 40...22-28 nu het meeste verweer. In de partij volgde: 40...24-29?  41.33x24 09-14  42.34-29!! 23x25  43.24-20 15x24  44.32-28 22x33  45.38x09 13x04  46.35-30 25x34 47.43-39 34x32 48.27x38 16x27  49.31x22 met winst.
Een prachtige variatie op de aloude hielslag!

Onaangename tijd

In de loop der jaren werd het er voor Koeperman niet gemakkelijker om zich in de top van de Russische damwereld te handhaven. Langzaam maar zeker was er een groep persoonlijke vijanden ontstaan waaronder: Stjsjogoljew, Korchow, Agafonow, Mogiljanski etc. Dit eensgezinde front had de pest aan hem. De meest fanatieke tegenstander van Koeperman was evenwel Anatoli Gantwarg. Hij kon met een gerust hart als de aartsvijand worden beschouwd.
Overigens is het tussen de legendarische oud-wereldkampioen en  Alexander Mogiljanski wel weer goed gekomen. Hiervan  getuigen de sneldampartijtjes die zij speelden tijdens de herkamp tussen Tsjizjov en Clerc in Groningen om het WK 1996. Koeperman was daar als secondant van Tsjizjov aanwezig. Beide naar de verenigde Staten uitgeweken grootmeesters - Mogiljanski emigreerde in 1988- speelden om een dollar per winstpartij. Dat Mogiljanski vijf verliespartijen achter stond kon bij hem de pret niet drukken. Hij kreeg voor weinig geld les van de ex-wereldkampioen. Voor Koeperman was elke dollar een geschenk uit de hemel. Hij is altijd iemand geweest die eerder naar zijn hoed greep dan naar zijn portemonnee.

Emigratie 

In 1977 maakte Koeperman de balans op. Hij kon nog niet op zijn lauweren gaan rusten. Van de revenuen van zijn boeken, waarvan er inmiddels honderdduizenden waren verkocht, kon hij niet leven. Ook had hij als Jood nog steeds te maken met de antisemitische sentimenten. Dit was een overblijfsel uit de tijd van Jozef Stalin, toen antisemitische activiteiten door de staat werden gesteund. Een klap moet het voor hem ook geweest zijn dat Andris Andreiko, de man waartegen hij bijna 90 partijen had gespeeld, in 1976 op gewelddadige wijze om het leven was gekomen. Koeperman besloot de knoop door te hakken en te emigreren naar de Verenigde Staten. Hij vestigde zich met zijn twee dochters in Boston.

Betekende dit nu dat de Reus uit Kiev verloren was voor het dammen?

"Ik heb wel eens gedacht, dat ik sterker was dan het damspel, dat ik er mee op kon houden wanneer ik dat wilde. Maar daarin vergiste ik me. De damschijven waren sterker, ik was hun gevangene".



dinsdag 11 juli 2017

Iser Koeperman (4)

Door Rein van der Pal

Een bestaan als profdammer in de voormalige Sojvjet-Unie was niet eenvoudig. Om voor een staatstoelage in aanmerking te komen was het van belang om goede prestaties neer te zetten en hoog te eindigen in de kampioenschappen. Iser Koeperman zorgde er altijd voor dat hij of wereldkampioen was, of direct betrokken was in de strijd om het wereldkampioenschap.

De status van wereldkampioen verschafte hem een zekere machtspositie. Zo werd hij vaker uitgenodigd om deel te nemen aan buitenlandse reisjes of toernooien. Daarnaast konden allerlei zaken die normaal gesproken veel moeite kosten ,ook in materiële zin, gemakkelijker worden geregeld. Een goed voorbeeld daarvan was het uitgeven van boeken.

Tijdens matches en toernooien zorgde Koeperman ervoor goed beslagen ten ijs te komen. Hij bereidde zich intensief voor en leefde gedisciplineerd: geen drank, geen sigaretten en een streng dieet.Van zijn tegenstander maakte hij een psychologisch profiel met sterke en vooral zwakke punten in het spel. De negatieve eigenschappen gebruikte hij om een afkeer van de tegenstander op te wekken. Met wandelen, zwemmen en gymnastiek werd de lichamelijke conditie op peil gehouden.
De Reus uit Kiev deed er alles aan om de eenmaal verworven (machts)positie vast te houden. Hierbij schijnt hij ook het middel van de combine niet te hebben geschuwd. Zowel het één (de verworven status) als het ander (verdenking van combine) maakten hem er niet populairder op bij zijn concurrenten. In de top van de Russische damwereld had hij dan ook weinig vrienden.

Andris Andreiko

Een uitzondering hierop vormde Andris Andreiko. Of Tovenaar uit Riga en Koeperman nu echt bevriend waren, is nog maar de vraag. Misschien waren ze eerder gelegenheidsvrienden of partners in crime. Helemaal duidelijk is dat nooit geworden. In ieder geval waren ze voor langere tijd op elkaar aangewezen.

I. Koeperman - A. Andreiko 
Beide grootmeesters speelden niet minder dan drie matches van twintig partijen om de wereldtitel tegen elkaar. Ook vormden ze een gezamenlijk blok om opkomende concurrenten als Ton Sijbrands en Harm Wiersma van het lijf te houden. Daarnaast trad Iser Koeperman vaak op als delegatieleider van het team uit de Sovjet-Unie, waar Andreiko vaak deel van uitmaakte. In 1973 was Koeperman de secondant van Andreiko in zijn match tegen Ton Sijbrands.
Wel of geen echte vrienden, het is wel duidelijk dat Koeperman en Andreiko eind jaren zestig, begin jaren zeventig aan elkaar vast zaten.

Het grote talent van Andreiko werd door de twintig jaar oudere Koeperman al in een vroeg stadium onderkend. Het zal bij hem geen verwondering hebben gewekt dat Andreiko het kandidatentoernooi van 1966, dat in het Franse Alès werd gehouden, op zijn naam schreef. Hij verwierf hiermee het recht om wereldkampioen Iser Koeperman in 1967 uit te dagen.

Noodlot

Enkele maanden voor het begin van de match werd Koeperman getroffen door het noodlot. Zijn vrouw overleed aan de gevolgen van een hersentumor. Aan de gelukkigste periode van zijn leven was plotseling een einde gekomen. Meteen werd duidelijk dat de match geen doorgang kon vinden. Koeperman vroeg voor enkele maanden uitstel en kreeg die ook. Op 1 januari 1968 werden in het Pionierspaleis van Tbilisi de klokken in werking gezet.

In het begin van de match trok Andreiko fel van leer en de nerveuze Koeperman had moeite om op de been te blijven. Maar de Reus uit Kiev richtte zich langzaam op en sloeg na een ijzersterke positiepartij in het negende duel toe. Opnieuw volgde een serie vechtremises waarin Koeperman zijn vindingrijke tegenstander met moeite kon bedwingen. Hier zien we een beeld dat regelmatig opdook in de carièrre van Koeperman: mindere standen werden remise gemaakt en gewonnen standen werden ook daadwerkelijk in winst omgezet. Met de combinatieve winst in de negentiende partij werd de match beslist.

I. Koeperman - A. Andreiko
(19e partij)

Met de haven al in zicht ging Koeperman toch fel in de aanval, psychologisch gezien een sterke zet.
Andreiko heeft op de vorige zet geruild met 29...25-30 30.35x24 19x30. De slechte witte schijvenverdeling ten spijt, beslist Koeperman de partij met een mokerzet: 30...36-31! Aan de damcombinatie ingeleid met 22-18 is niets meer te doen. Partij: 31...30-35  32.22-18!! 12x34  33.27-21 16x36  34. 33-29 34x23  35.28x10 04x15  36.32x01 en wit won.

A. Andreiko - I. Koeperman
(20e partij)

Beide spelers hebben bewust op deze stelling aangestuurd, maar Koeperman heeft verder gekeken: 42.34-29 23x34  43.27-22 18x27 44. 28-23 19x28  45.30x10 27-31!! De verborgen pointe van deze afwikkeling 46.32x23* 31x42  47.38x47 13-18!  48.39x30 18x49.
Zwart kreeg later een gewonnen eindspel op het bord, maar bood remise aan, omdat de match al was beslist. Hier zien we de zachte kant van Koeperman, zullen we maar zeggen.

Vijf matches en evenzovele overwinningen! Van combine kon hier in de verste verte geen sprake zijn. De Reus uit Kiev heeft het allemaal op eigen kracht moeten doen....






donderdag 6 juli 2017

Iser Koeperman (3)

Door Rein van der Pal

De grote passie van Iser Koeperman was zonder twijfel het damspel; hij offerde er zijn hele bestaan aan op. Zelfs een goede baan als ingenieur in de mijnbouw in Kiev schoof hij ervoor aan de kant.Toch kun je je afvragen of hij wel over de juiste eigenschappen beschikte voor het harde wedstrijdspel. Iemand die zichzelf omschrijft als impulsief, nerveus en opvliegend, met een sterke drang naar avontuur, beschikt over karaktertrekken -en dan bedoel ik vooral impulsiviteit en nervositeit- waar een grootmeester heel goed zonder kan. Maar kennelijk had de Reus van Kiev zijn zenuwen op de beslissende momenten goed in bedwang. In ieder geval kan ik me geen rare fouten of grote blunders uit zijn carrière voor de geest halen.

Op de wereldkampioenschappen van de jaren zestig was Koeperman altijd in de kop van de ranglijst terug te vinden, zonder dat hij die toernooien daadwerkelijk op zijn naam schreef. Zo dook op het WK van 1960, dat op verschillende plaatsen in Nederland werd gehouden, plotseling de 19-jarige Wjatsjeslaw Sjtsjogoljew op. De Moskoviet werd de jongste wereldkampioen aller tijden en zou zijn stempel op de damwereld drukken. Samen met Piet Roozenburg en Iser Koeperman kan hij als de grondlegger van het huidige dammen worden beschouwd. Inmiddels is hij de oudste nog levende oud-wereldkampioen. Waar blijft de tijd!

Tweekamp tegen Stjsjogoljew

W. Stjsjogoljev - I. Koeperman 1961
Natuurlijk maakte Koeperman in 1961 van zijn rechten gebruik om Sjtsjogoljev in een match over twintig partijen uit te dagen.
Het werd een boeiende krachtmeting, waarin Stjsjogoljew zich uitdagend opstelde en het spel probeerde te maken. Koeperman, vertrouwde op zijn solide centrumspel en zijn surplus aan ervaring en controleerde de strijd. Hij kwam enkele keren in het voordeel, boekte twee winstpartijen en won uiteindelijk verdiend met 22-18.
Sjtsjogoljew zou later verklaren dat hij als gevolg van zijn recente successen overliep van zelfvertrouwen. Hij had zich (daarom) ook niet goed voorbereid en was nog jong en onervaren. Was de Wonderdammer uit Moskou dan geheel zonder kansen. Nee, dat niet. Weliswaar had Koeperman in de derde partij een gewaagde Partie Bonnard opstelling van zijn tegenstander op indrukwekkende wijze afgestraft, maar in de veertiende partij verzuimde 'Slawa' een gewonnen eindspel te verzilveren. Toen hij twee dagen later in de fout ging, was de match in feite beslist.

W. Stjsjogoljev - I. Koeperman
(16e partij)

In mindere maar verdedigbare stand is 44.30-25 de aangewezen voortzetting. Stjsjogoljew vervolgde met 44. 28-22? 17x37 45.36-31 34x21 46.26x08 37x26 47.08-03.
Hierbij moet hij de simpele damafname, die volgde na 47..19-23! 48.03x37 18-23  49.37x08 02x13, hebben overzien.
In de resterende vier partijen wist Koeperman betrekkelijk eenvoudig zijn voorsprong te consolideren.

L'histoire se répète 

Wjatsjeslaw Stjsjogoljew bleef niet lang bij de pakken neerzitten en greep het WK van 1964 (Italië)  aan om zijn geschonden blazoen weer op te poetsen. De Moskoviet werd voor de tweede keer wereldkampioen en bleef zijn rivaal uit Kiev twee punten voor. De geschiedenis had zich herhaald, maar de tweekamp die hieruit een jaar later in de Georgische hoofdstad Tiblisi voortvloeide, leverde niet de spannende krachtmeting op die de kenners hadden verwacht. Koeperman walste met  ongehoorde cijfers over zijn tegenstander heen: 26-14!

Stjsjogoljew was ditmaal wel goed voorbereid, maar leed aan een vorm van over-concentraties en liep een paar keer in eenvoudige combinaties.
Er verschenen verschillende speltypes op het bord en anders dan de uitslag doet vermoeden, was de match toch interessant en hoogstaand. Koeperman hanteerde zowel de aanval als de omsingeling met veel kennis van zaken en wist ook in situaties waarin het op improviseren aankwam, fier overeind te blijven. Hij demonstreerde niet alleen een gave techniek, maar stond ook zijn mannetje bij het zogenaamde 'vechtdammen'.
Interessant was de manier waarop de legendarische oud-wereldkampioen het speltype met een opgedrongen randschijf op veld 36 (of 15), waarover in die tijd nog niet zo heel veel bekend was, tegenspeelde.

I. Koeperman - W. Stjsjogoljew
(11e partij)

Met 27.38-32! dat zowel 10-15, 18-22  als 12-17 verhinderd, maakt Koeperman optimaal gebruik van de zwarte schijf op 36.
Partij: 27.11-17*  28.33-28!! 18-23* 29.34-29 22x24 30.16-11 07x16 31.25-20 14x34  32.40x07 en wit won op de 71e zet.

Met de ruime matchwinst tegen Stjsjogoljew boekte Koeperman het grootste succes uit zijn carrière en werd voor de vierde keer wereldkampioen.
Was er dan niemand in een tweekamp opgewassen tegen de Reus van Kiev?