donderdag 17 mei 2018

DI...

Door Tjalling van den Bosch

Wilfried Geenja: "Goedenavond dames en heren, welkom bij Dammen Insite, het  wekelijkse  praatprogramma over dammen en alles wat daarmee samenhangt. Aan tafel Johan Deksen, René van der Grijp en Hans Kaai junior. Johan, wat is er nieuw deze week"? 

JD: "Nou, waar ik me vreselijk aan erger, zijn die mensen die beweren dat dammen een sterk product is; dammen is geen sterk product, denksport in het algemeen in Nederland is geen sterk product! Er wonen thans in Nederland zo'n 18 miljoen mensen, nog geen 25.000 daarvan zijn lid van een dam- of schaakvereniging, dat is 0,0 en nog wat procent van de hele bevolking!
WG: "Oh, je hebt je rekenmachientje niet bij je, begrijp ik".
JD: "Nee, die is stuk; maar het is toch wel duidelijk dat denksport in Nederland niet veel voorstelt en ook nooit iets zal voorstellen"! Wanneer je een zakenman vraagt of iets een goed product is, dat nog geen marktaandeel heeft één procent, dan trekt hij een gezicht van afgrijzen; daar gaat hij echt niet in investeren! 

WG: "Maar het kan wel, Johan. Noorwegen stelde op schaakgebied ook nooit wat voor, maar door de opkomst van Magnus Carlsen, de huidige wereldkampioen, is het schaken daar naar ongekende hoogte gestuwd. Er zijn tijdens grote toernooien zelfs live-uitzendingen op de nationale   tv"
JD: "Nee, dat klopt; als de 'grote' media de schouders eronder zetten, kan er veel ten goede keren,  maar dat zie ik in Nederland niet gebeuren. Ik vind het wel jammer hoor, maar zo is het nu eenmaal".
RG: "Maar Johan, 50 jaar geleden, toen Sijbrands en Wiersma opkwamen, was het toch allemaal veel massaler, in Nederland, dan nu"? 
JD: "Nou, het is maar net wat je massaal noemt. Toen woonden er in Nederland ongeveer14 miljoen mensen in Nederland en toen had de dambond nog geen 10.000 leden, dus dat was ook weer 0,0 en nog wat, van de hele bevolking"! Nee, ik blijf erbij, dammen is geen sterk product".   

HK: "Ja maar Johan, toen Euwe wereldkampioen schaken werd, waren de schaakspullen niet aan te  slepen. Het ledenaantal van de schaakbond verviervoudigde toen, dat heb je zelf wel gezegd"!
JD: "Ja, nee, dat klopt; maar dat was toen 1935, of zo; een heel andere tijd dan nu. Er zal toen in de Nederlandse huiskamers best wel veel geschaakt zijn, veel anders was er toen ook niet, maar weet jij hoeveel schakers lid waren van de bond, voordat Euwe wereldkampioen werd"? 
HK: "Al sla je me dood, geen idee". 
JD: "Tweeduizend en dat liep op, tijdens de Euwe-hausse, tot maximaal bijna zevenduizend! Ik wil voor de volledigheid nog wel even vermelden dat er toen in Nederland 8 á 9 miljoen mensen  woonden; dus toen was het 0,0 procent en ietsje meer"!
WG: "Nou, dat punt is gemaakt; we laten het hierbij, want er is meer"! 

WG: "Hans, wat vind jij van die plusjes en minnetjes"? 
HK: "Dat is een gedrocht, net als al die andere kunstmatige schijnoplossingen; je weet wel, die  'andere' puntentelling en het maar terugdraaien van de bedenktijd". 
JD: "Die schaakgrootmeester, hoe heet hij ook al weer? Die dat boek heeft geschreven over zijn eigen teloorgang". 
WG: "Oh, Zwart Wit bedoel je, van Paul van der Sterren". 
JD: "Ja, die van der Sterren; ik las laatst een column van hem en daarin schreef hij dat het  terugdraaien van de klok, een oplossing is van hersenlozen".
WG: "Ja, dat heb ik ook gelezen; hij noemde het de nekslag voor het schaken". 
JD: "Ja, hij was daar vrij stellig over".
RG: "Ja, dan heb je een denksport en dan ga je de tijd om te denken terugdraaien, hahaha. Je gaat bij een balspel toch ook niet de bal weghalen. Hahahaha!  

HK: "Maar weet je wat ik laatst hoorde Johan"? 
JD: "Nee, vertel".
HK: "Dat ze nu bij het schaatsen in staat zijn, om tot in duizendsten de eindtijd te berekenen, dat dat een bewijs is dat die akelige plusjes en minnetjes een goed idee zijn"!!
JD: "Dat slaat als een lul op een drumstel"!
HK: Dat bedoel ik maar; er verandert helemaal niets aan het schaatsen, hoe ze de eindtijd ook berekenen. Een schaatser moet nog steeds na het startschot zo snel mogelijk bij de finishlijn zien te komen"
RG: "Over de finishlijn, Hansie".
HK: "Dat bedoel ik toch"! 
RG: "Nou, zeg dat dan".

HK: "Wat ik bedoel René, is dat er bij het schaatsen verder geen reglement hoeft de worden aangepast, de snelste wint nog steeds. Bij het dammen moet men wel de regels aanpassen; een gewone remise is geen gewone remise meer. Nee, er wordt nu totaal anders over geoordeeld".
JD: "Ja, en de voordeelremise kan ook zo maar bij de verkeerde terecht komen; iemand die de hele partij aan de leiding gaat, de morele winnaar zeg maar, kan zo maar tegen een minnetje aanlopen. Zijn schijven heersen over het dambord, maar ja, dan komt er een wederzijdse damdoorbraak en dan  staan ze niet veilig meer EN door de zoektocht naar de winst komt zo iemand, met dat eveneens  belachelijke 80' + 1', ook nog in een constante tijdnood terecht. Die andere Paul, uhh, Paul Oudshoorn schreef laatst ook zoiets; dat de bovenliggende partij in het nadeel is met die 80' + 1' EN . . ., dat vind ik ook".

RG: "Weten jullie wat echt belachelijk was, ha, ha, ha; dat ze bij die laatste NK's tijdens de barrages ook met die belachelijke plusjes en minnetje werkten, ha, ha, ha. Dat moet een idee van Harry Mens zijn geweest, denk je niet(?), haaaa, ha, ha, ha"!
JD: "Ja, bij die vrouwen in Zoutelande, was het inderdaad helemaal belachelijk; en maar doorrammen in een potremise stand; tja, dan gaat er met die paar seconden die ze er elke zet bij krijgen, vroeg of laat wel iemand de mist in. 
Dat heeft toch niets meer met wat voor denksport dan ook te maken; dat is toch jezelf niet meer serieus nemen"! Tjonge, jonge, phhhh. 

HK: "Ik wil ook even wat zeggen, uhhh" 
WG: "Nee Hans, we gaan er eerst even uit voor de reclame" . . .! 

donderdag 10 mei 2018

Vervolg op...

 Door Tjalling van den Bosch

Het is uw penneleur, alsook 'onze blogmanager', al lange tijd bekend dat de epistels op dit blog niet alleen door dammers (m/v) worden gelezen.
Blijkbaar vinden mensen, die 'niets met dammen hebben', het bij tijd en wijle ook leuk om de diverse pennenvruchten op dit blog tot zich te nemen.
Anders dan dammers reageren zij soms wel op het geschrevene! Over het vorige epistel (gezond sporten . . . - over teveel sporten -) kregen we dan ook de nodige op- en aanmerkingen binnen.

Teveel is slecht . . . 

Het idee voor het vorige epistel ontstond door een gesprek met hoogleraar klinische neuro-psychologie Sitskoorn. Bij gezonde mensen ontstaat stress bijvoorbeeld wanneer het moeilijk is om een bepaalde doelstelling te halen.
Stress op zich is niet slecht; het idee dat iets misschien niet gaat lukken, spoort aan tot handelen (vecht of vlucht). Daardoor zijn mensen juist in staat om tot grote prestaties te komen.
Het probleem in de 21ste eeuw is echter, dat we tegenwoordig steeds meer stress continu ervaren! Na flinke arbeid (om een doel te bereiken), is er anno hodie weinig tijd om echt te ontspannen; ontspanning is echter cruciaal om de opgeroepen stress weer tot rust te manen (af te voeren). Dat lukt tegenwoordig maar moeilijk, vooral vanwege de constante stroom van informatie en (de volkomen overbodige) non-informatie!

De grootste boosdoener zijn alle berichten op de social media! De oplossing ligt natuurlijk voor de hand; het hele gebeuren (social media) gewoon een tijdje links laten liggen.
Maar . . ., juist zich niet op de social media begeven, ervaren mensen ook weer als (onplezierige) stress! 
Volgens Sitskoorn zegt inmiddels 15% van de Nederlandse vrouwen dat ze een burn-out hebben, of hebben gehad, terwijl dit twee jaar geleden nog maar 9,4% was. Bij de mannen steeg het percentage in die periode van 6 naar 9!
Kortom, meer dan 10% van de Nederlandse bevolking ervaart een teveel aan stress, of heeft dat ervaren!

Lichaam past zich aan . . . 

Stress is een vorm van spanning die in het lichaam van (gezonde) mensen (maar ook bij dieren en planten!) optreedt als reactie op externe prikkels en die gevolgd wordt door een patroon van fysiologische reacties.
De fysiologische reacties worden altijd eerst door de hersenen gefilterd. Teveel stress is niet alleen vervelend, het zorgt er ook voor dat onze hersenen slechter gaan werken!
Het zorgt voor een hogere hartslag en het gebrek aan rust (ontspanning) draagt bij tot een unheimisch gevoel ('geen zin hebben', concentratieverlies, hoofdpijn, duizeligheid).

Het woord is even aan Sitskoorn: "Onze hersenen zijn neuro-plastisch; ze passen zich aan bij alles wat we doen en meemaken. Er komen constant nieuwe verbindingen bij; zo worden we beter in iets.  Het netwerk aan verbindingen bij 'gewoon gedrag' wordt steeds sterker, maar 'gewoon gedrag' is niet persé gezond gedrag!
Als men voortdurend in een stress-situatie zit, wordt dat voor mensen ook weer gewoon! We leren onszelf aan gestrest te zijn, met grote gevolgen. De hypocampus (een deel van de hersenen dat onder meer emoties en geheugen regelt)loopt schade op; verbindingen gaan kapot, waardoor je geheugen slechter wordt en het meer moeite kost om negatieve emoties te reguleren.
Ook de prefrontale hersenschors krijgt klappen; dat deel van de hersenen helpt je juist om met stress om te gaan! Als die minder goed werkt, gaan we handelen naar onze impulsen; we halen uit, terwijl we ons normaal zouden inhouden. Wat volgt is een negatieve spiraal; je hebt stress, je hersenen werken minder goed en kunnen dat ook niet meer opvangen, waardoor je nog meer stress ervaart"!!

Tot zo ver . . .

Dat was de hoogleraar klinische neuro-psychologie.
Het klinkt allemaal best heftig, maar gestreste hersenen kunnen ook weer herstellen. Daarvoor moeten mensen wel leren om beter met stress om te gaan en vooral het tijdig onderkennen van stress is cruciaal.
Bij (bijvoorbeeld) fysieke sporten is het belangrijk om je lichaam goed te verzorgen; bij het veelvuldig gebruik van je hersenen is dat niet anders. Goed slapen, voldoende bewegen (niet fanatiek!!) is belangrijk en vooral jezelf dwingen om afstand te nemen van zaken waardoor je hersenen op maximum staan!
Een dammer kan wel een flinke wandeling of fietstocht beginnen, maar wanneer hij dan 'blind' nog steeds met dammen bezig is, dan schiet het niet op natuurlijk.
Kortom, jezelf de tijd geven om niets te doen met je hersenen is essentieel (om teveel aan stress tegen te gaan).

Een specialist die je vertelt waar de problemen liggen is natuurlijk een goede informatie-bron; dan is het ook handig om de vraag te stellen: "Hoe lost u zelf de problemen op?"!!
Nogmaals Sitskoorn: "Ik heb geen social media en ik bekijk mijn e-mail op vaste tijden. Ook reserveer ik ruimte in mijn agenda waarin ik geen afspraken maak. Mensen vinden het soms lastig dat ik niet altijd beschikbaar ben, maar anders kan ik mijn werk niet naar behoren doen. Ik begrijp dat het niet altijd even gemakkelijk is voor sommige mensen; het vergt dan ook guts om tegen het idee dat alles moet in te gaan. Je kunt je tijd echter maar één keer uitgeven".

Kort samengevat:
Juist in deze tijd is ontspanning op geestelijk en fysiek gebied belangrijker dan ooit . . .!



donderdag 3 mei 2018

Gezond sporten...

Door Tjalling van den Bosch

'Sporten is goed voor lijf en leden', is een bekend gezegde, maar 'er zit ook een addertje onder het gras' (om nog maar eens een algemene uitdrukking te gebruiken); sporten kan ook te veel worden!
Wanneer sporters te veel wedstrijden en/of trainingen in een korte periode afwerken en daarbij niet voldoende rust (recuperatie) in acht nemen, dan kan hij of zij overtraind raken.

Lichamelijke inspanningen . . .

Bij fysieke sporten zijn (bij overtraining) de eerste tekenen vaak al snel voelbaar (spierpijn), maar, zeker de fanatieke sporter, voelt zich in zo'n situatie na een goede warming up al snel weer in staat om te spelen, dan wel te trainen.
Wanneer een atleet die signalen blijft negeren, kan dat leiden tot overtraining, hetgeen betekent, dat het lichaam weerstand gaat bieden tegen fysieke inspanning.
Wanneer ook dat wordt genegeerd, kan overtraining dusdanige vormen aannemen dat een sporter, qua prestaties, achteruit boert. Er zijn extreme vormen van overtraining bekend, waarin sporters, ondanks een lange rustperiode (vanwege overtraining), nooit meer op 'het oude' niveau terugkeerden, laat staan nog vooruitgang boekten!
Over het fenomeen 'fysieke overtraining' zijn boeken geschreven en wetenschappelijke onderzoeken gedaan, toch is en blijft het een groot dilemma voor elke coach en trainer.
Vooral de gedreven sporters zijn vaak moeilijk in te schatten voor een trainer/coach wat betreft de dagelijkse belastbaarheid; het zijn juist deze sporters, die naast de trainingen en wedstrijden onder leiding van een trainer/coach, zichzelf ook nog eens extra fysiek belasten, onder het mom van 'hoe meer, hoe beter'.
Dat laatste is een gigantische denkfout en leidt voor de trainer/coach (die van de extra inspanningen meestal niet op de hoogte is) vaak tot enorme frustraties (het maar niet kunnen begrijpen, waarom een sporter geen progressie boekt, terwijl hij of zij, gezien de trainingsschema's, juist beter zou moeten gaan presteren). Maar goed, het onderwerp fysieke overtraining laten we voor wat het is.

Geestelijke inspanningen . . .

Over het menselijk brein (en de werking daarvan), zijn nog steeds meer vragen dan antwoorden; alle wetenschappelijke onderzoeken ten spijt, weten de geleerden nog lang niet alles (waarschijnlijk nog geen 50%) van wat er zich zoal in ons hoofd (tussen de oren) afspeelt en waarom!
Wel weten we dat veel geestelijke arbeid (langdurig nadenken, bewust dan wel onbewust) leidt tot stress en wanneer die maar lang genoeg aanhoudt, het brein zich gaat afzetten tegen 'helder' nadenken!
Men spreekt dan vaak van een 'burn out', hetgeen eigenlijk betekent dat de patiënt emotioneel en geestelijk tot steeds minder in staat is en wanneer het lang genoeg aanhoudt zelfs tot vrijwel niets meer in staat is. Maar, wat zijn de eerste symptomen van geestelijke overtraining?
Daar waar een fysieke sporter de eerste seintjes van het lichaam krijgt in de vorm van spierstijfheid, eventueel gevolgd door kleine (onduidelijke) blessures, wat voelt iemand die bijvoorbeeld een denksport als hobby (of zelfs werk) heeft? Daar zijn nauwelijks representatieve onderzoeken naar gedaan en dus zijn er op dat gebied (eerste signalen van geestelijke overtraining) alleen maar vragen.

We kunnen ons voorstellen dat zaken als 'wat hoofdpijn' of zelfs 'wat duizelig' de eerste indicaties zijn, maar wat als de denksporter deze negeert; wat is dan het vervolg, voordat er sprake is van een burn out?
Op een bepaald moment zal zo'n denksporter misschien wat minder 'zin' hebben, maar de gedreven denksporter zet dan vaak door en dus . . .!?! Het zijn vragen die trainers en coaches van denksporters zichzelf ongetwijfeld regelmatig stellen, maar zij kunnen waarschijnlijk pas antwoorden vinden als ze al een lange carrière achter de rug hebben (en dus ook veel slachtoffers niet hebben kunnen helpen!).
Het trainer/coach-schap is sowieso in elke sport vooral een ervaringsberoep; een trainer/coach 'met bagage' (ervaring), is pas echt in staat om sporters goed te begeleiden!! 

Gedreven dammers . . .

Vaak zijn gedreven dammers gemakkelijk 20 á 30 uur in de week bezig met hun (denk)sport; weet dat zij (m/v) daarnaast vaak nog werk of studie hebben, waarbij men ook de hersenen nodig heeft, dan begrijpt u wel dat dat soort sporters vaak aanzienlijk meer van het zojuist genoemde aantal uren aan hersenarbeid per week verrichten!
De signalen (hoofdpijn, duizelig) kan men maar beter niet negeren; begrijp, beste dammer, dat je beter wordt tijdens rust! De arbeid (wedstrijd/training) breekt je in principe af, tijdens de rust verbetert het lichaam (en dus ook de geest) zichzelf!!

Voor denksporters is 'goed slapen' tijdens een inspannend toernooi vaak cruciaal voor een goed resultaat; schaakwereldkampioen Botvinnik (uit Rusland) heeft dat vaak aangegeven in zijn vele boeken. De Russische schaakwereldkampioen Spasski gaf als reden van zijn teloorgang tijdens zijn beroemde WK-match tegen de Amerikaan Fisher (Reykjavik 1972) aan, dat toen hij slechter begon de slapen en 's ochtends wakker werd met een 'duffe kop', hij begreep dat hij de tweekamp ging verliezen.

Uit eigen ervaring als trainer/begeleider van fysieke sporters weet ik, dat het heerlijk is wanneer je een sporter hebt, die van nature wat lui is! Niet dat hij/zij lui is (dat is heel wat anders), maar een sporter die zeer goed traint en zeer goed zijn materiaal verzorgt en daarnaast ook graag lekker op de bank kan hangen, is beter dan een sporter die daarnaast ook nog eens de neiging heeft 'wat extra te doen'! Van de eerste weet je vaak zeker dat de trainingsschema's goed aanslaan; bij de tweede vraag je je als trainer/coach vaak af waarom die schema's niet werken!

Mens sana on corpore sano . . .!